SILverslagen voor criminologie

Alle vakken van de studie Criminologie worden al jarenlang uitgegeven door SILverslagen en worden elk jaar qua kwaliteit verbeterd. Kies in de regel hierboven de juiste bachelor en blok. De vakken die dan onderaan deze pagina verschijnen behoren dan tot dat blok of semester.

Heb je eenmaal een verslag gekocht? Dan kun je iedere maandag (vanaf week 2) een up-to-date verslag van de week daarvoor op onze site verwachten. Geen reden dus om te wachten tot het laatste moment: koop nu je SIL-verslagen en begin vandaag nog met studeren!

Let op: Je koopt toegang tot het verslag voor de duur van één collegejaar. Tot en met juli houd je toegang tot de verslagen. Hierna worden de verslagen van de website gehaald. Je kunt de verslagen uiteraard wel zelf printen.

Vakken

  • HC Beginselen van de Democratische Rechtsstaat (CRIM)

    Centraal in het vak Beginselen van de Democratische Rechtsstaat staan de begrippen ‘staat’, ‘rechtsstaat’, ‘democratie’ en ‘overhe

    Centraal in het vak Beginselen van de Democratische Rechtsstaat staan de begrippen ‘staat’, ‘rechtsstaat’, ‘democratie’ en ‘overheidsbevoegdheid’. Dit betekent dat aan de orde komt wat een staat eigenlijk is, hoe de overheidsorganen (onder meer regering en parlement) samengesteld zijn, welke bevoegdheden die overheidsorganen hebben en hoe zij aan die bevoegdheden komen, op welke manier er (door de volksvertegenwoordiging en door de rechter) controle wordt uitgeoefend op de uitoefening van die bevoegdheden en welke beginselen aan de verhouding tussen overheid en burger ten grondslag liggen (bijvoorbeeld respect voor de rechten van de mens).

  • HC Inleiding criminologie deel I

    Dit vak biedt een inleiding in de Criminologie: de wetenschap die de aard en oorzaken van criminaliteit bestudeert.

    Dit vak biedt een inleiding in de Criminologie: de wetenschap die de aard en oorzaken van criminaliteit bestudeert, en de uiteenlopende (formele en informele) manieren waarop de samenleving daarmee omgaat. Op een inleidende manier wordt ingegaan op vragen als: wat is criminologie, wat is criminaliteit, hoe kunt u crimineel gedrag wetenschappelijk onderzoeken en op welke manier is de aard en omvang daarvan te meten? Daarbij komt ook de vraag aan bod hoeveel criminaliteit Nederland kent en hoe dit zich verhoudt tot andere landen. Aan de hand van verschillende typen nationaal en internationaal criminologisch onderzoek komen specifieke vormen van criminaliteit aan de orde, zoals moord en doodslag en georganiseerde criminaliteit. In de laatste weken van het vak wordt ingegaan op beleid om criminaliteit te voorkomen en te bestraffen en de verschillende criminologische visies die daarop bestaan. In de werkgroepen wordt actief met de stof gewerkt, waarbij thuis van tevoren een opdracht moet worden voorbereid. De opdrachten tezamen vormen een paper. Een bibliotheekpracticum maakt deel uit van dit vak.

  • HC Inleiding criminologie deel II

    Dit vak biedt een inleiding in de Criminologie: de wetenschap die de aard en oorzaken van criminaliteit bestudeert.

    Dit vak biedt een inleiding in de Criminologie: de wetenschap die de aard en oorzaken van criminaliteit bestudeert, en de uiteenlopende (formele en informele) manieren waarop de samenleving daarmee omgaat. Op een inleidende manier wordt ingegaan op vragen als: wat is criminologie, wat is criminaliteit, hoe kunt u crimineel gedrag wetenschappelijk onderzoeken en op welke manier is de aard en omvang daarvan te meten? Daarbij komt ook de vraag aan bod hoeveel criminaliteit Nederland kent en hoe dit zich verhoudt tot andere landen. Aan de hand van verschillende typen nationaal en internationaal criminologisch onderzoek komen specifieke vormen van criminaliteit aan de orde, zoals moord en doodslag en georganiseerde criminaliteit. In de laatste weken van het vak wordt ingegaan op beleid om criminaliteit te voorkomen en te bestraffen en de verschillende criminologische visies die daarop bestaan. In de werkgroepen wordt actief met de stof gewerkt, waarbij thuis van tevoren een opdracht moet worden voorbereid. De opdrachten tezamen vormen een paper. Een bibliotheekpracticum maakt deel uit van dit vak

  • HC Inleiding recht (CRIM)

    Een algemene inleiding in de rechtswetenschap en rechtsvinding

    Naast een algemene inleiding in de rechtswetenschap en rechtsvinding, biedt het vak Inleiding recht u een introductie in de fundamentele begrippen en onderscheidingen van het recht. In dat kader behandelen we in de hoorcolleges op hoofdlijnen het positieve recht van een aantal belangrijke rechtsgebieden: staatsrecht, strafrecht, burgerlijk recht, internationaal publiekrecht, Europees recht (dat een nog steeds toenemende invloed heeft op het nationale recht) en mensenrechten. Zo biedt het vak zowel een brede als een inhoudelijke eerste verkenning van wat u als beginnende rechtenstudent in uw studie kunt verwachten. Bovendien introduceert het vak de eerste beginselen van het oplossen van een juridische casus. In de werkgroepen bestuderen we aan de hand van een casus een positiefrechtelijk leerstuk en oefenen we met het lezen en gebruiken van jurisprudentie. De werkcolleges vormen dus een soort “practicum” waarin u wordt geleerd hoe u als jurist omgaat met wetboeken, jurisprudentie en verdragen. Er wordt geen kennis verondersteld en het vak bereidt u voor op een verdere verdieping van de positiefrechtelijke kennis in de vakken die er op volgen.

  • HC Inleiding rechtspsychologie

    U wordt ingeleid in het vakgebied van de rechtspsychologie en de toepassing van rechtspsychologische inzichten in de praktijk

    U wordt ingeleid in het vakgebied van de rechtspsychologie en de toepassing van rechtspsychologische inzichten in de praktijk. Zo wordt kennis verschaft over de menselijke cognitieve beperkingen bij waarnemen, herkennen, herinneren, en beslissen. Het gaat om processen en beperkingen, zoals tunnelvisie, die juist in de strafrechtelijke context van belang zijn en daar een bijzondere betekenis krijgen omdat beslissingen er sterk door beïnvloed kunnen worden. De aandacht gaat onder andere uit naar verschillende soorten redeneren die worden uitgelokt in strafrechtelijke context (bijvoorbeeld confirmation bias), naar de juiste procedures bij het verhoor van getuigen en verdachten, naar leugendetectie, naar de rol van getraumatiseerde slachtoffers, naar de diagnostische waarde van bewijs, en naar beslissingen over bewijs en straf.

  • HC Inleiding strafrecht (CRIM)

    Strafrecht is publiekrecht: wanneer een strafbaar feit wordt gepleegd, treedt de overheid op ter bescherming van de rechtsorde

    Strafrecht is publiekrecht: wanneer een strafbaar feit wordt gepleegd, treedt de overheid op ter bescherming van de rechtsorde. Dat impliceert dat de overheid ook in de plaats treedt van de getroffen burger, het slachtoffer. Daarbij kan de overheid vergaand in het leven van andere burgers ingrijpen, door bijvoorbeeld dwangmiddelen toe te passen en vrijheidsstraffen op te leggen. Strafrecht vraagt daarom uitdrukkelijk om rechtvaardigende theorieën en brengt steeds rechtspolitieke keuzes met zich. Daarbij moeten voortdurend afwegingen worden gemaakt tussen de belangen van de samenleving, van verdachten en van slachtoffers. Dit maakt strafrecht een moeilijk, maar ook een uitermate boeiend vak.
    Het vak Inleiding strafrecht beoogt zowel een inleiding op het materiële strafrecht (de strafbare gedragingen) als het formele strafrecht (het strafproces) te bieden. Zodoende bereidt het vak u voor op de meer verdiepende strafrechtelijke vakken in het tweede jaar (materieel strafrecht) en het derde jaar (formeel strafrecht) van de bacheloropleiding. In dit vak nemen we een aantal dragende beginselen en uitgangspunten van het materiële en formele strafrecht als vertrekpunt en stellen van daaruit een aantal meer concrete thema’s en leerstukken aan de orde. Hiermee beoogt het vak niet alleen in te leiden op de strafrechtelijke vakken in het tweede en derde jaar van de bacheloropleiding, maar ook direct de nodige academische verdieping te bieden. Daardoor wordt u vanaf het begin van uw studie geconfronteerd met het ‘grote verhaal’ van het strafrecht en de belangrijke vraagstukken van dit rechtsgebied.
    Thema’s die aan de orde zullen komen, zijn onder meer het strafrechtelijk legaliteitsbeginsel, de voorwaarden voor strafbaarheid, de doelen van het strafproces, het opportuniteitsbeginsel en het daaruit voortvloeiende strafrechtelijk beleid, de (actieve) rol van de strafrechter, het rechterlijk beslissingsmodel van artikel 348 en 350 Sv, de legitimatie van het recht om te straffen en de strafrechtelijke sancties.

  • Literatuur Beginselen van de democratische rechtsstaat (CRIM)

    Centraal in het vak Beginselen van de Democratische Rechtsstaat staan de begrippen ‘staat’, ‘rechtsstaat’, ‘democratie’ en ‘overhe

    Centraal in het vak Beginselen van de Democratische Rechtsstaat staan de begrippen ‘staat’, ‘rechtsstaat’, ‘democratie’ en ‘overheidsbevoegdheid’. Dit betekent dat aan de orde komt wat een staat eigenlijk is, hoe de overheidsorganen (onder meer regering en parlement) samengesteld zijn, welke bevoegdheden die overheidsorganen hebben en hoe zij aan die bevoegdheden komen, op welke manier er (door de volksvertegenwoordiging en door de rechter) controle wordt uitgeoefend op de uitoefening van die bevoegdheden en welke beginselen aan de verhouding tussen overheid en burger ten grondslag liggen (bijvoorbeeld respect voor de rechten van de mens).

  • Literatuur Inleiding recht (CRIM)

    Een algemene inleiding in de rechtswetenschap en rechtsvinding.

    Naast een algemene inleiding in de rechtswetenschap en rechtsvinding, biedt het vak Inleiding recht u een introductie in de fundamentele begrippen en onderscheidingen van het recht. In dat kader behandelen we in de hoorcolleges op hoofdlijnen het positieve recht van een aantal belangrijke rechtsgebieden: staatsrecht, strafrecht, burgerlijk recht, internationaal publiekrecht, Europees recht (dat een nog steeds toenemende invloed heeft op het nationale recht) en mensenrechten. Zo biedt het vak zowel een brede als een inhoudelijke eerste verkenning van wat u als beginnende rechtenstudent in uw studie kunt verwachten. Bovendien introduceert het vak de eerste beginselen van het oplossen van een juridische casus. In de werkgroepen bestuderen we aan de hand van een casus een positiefrechtelijk leerstuk en oefenen we met het lezen en gebruiken van jurisprudentie. De werkcolleges vormen dus een soort “practicum” waarin u wordt geleerd hoe u als jurist omgaat met wetboeken, jurisprudentie en verdragen. Er wordt geen kennis verondersteld en het vak bereidt u voor op een verdere verdieping van de positiefrechtelijke kennis in de vakken die er op volgen.

  • Literatuur Inleiding strafrecht (CRIM)

    Strafrecht is publiekrecht: wanneer een strafbaar feit wordt gepleegd, treedt de overheid op ter bescherming van de rechtsorde

    Strafrecht is publiekrecht: wanneer een strafbaar feit wordt gepleegd, treedt de overheid op ter bescherming van de rechtsorde. Dat impliceert dat de overheid ook in de plaats treedt van de getroffen burger, het slachtoffer. Daarbij kan de overheid vergaand in het leven van andere burgers ingrijpen, door bijvoorbeeld dwangmiddelen toe te passen en vrijheidsstraffen op te leggen. Strafrecht vraagt daarom uitdrukkelijk om rechtvaardigende theorieën en brengt steeds rechtspolitieke keuzes met zich. Daarbij moeten voortdurend afwegingen worden gemaakt tussen de belangen van de samenleving, van verdachten en van slachtoffers. Dit maakt strafrecht een moeilijk, maar ook een uitermate boeiend vak.
    Het vak Inleiding strafrecht beoogt zowel een inleiding op het materiële strafrecht (de strafbare gedragingen) als het formele strafrecht (het strafproces) te bieden. Zodoende bereidt het vak u voor op de meer verdiepende strafrechtelijke vakken in het tweede jaar (materieel strafrecht) en het derde jaar (formeel strafrecht) van de bacheloropleiding. In dit vak nemen we een aantal dragende beginselen en uitgangspunten van het materiële en formele strafrecht als vertrekpunt en stellen van daaruit een aantal meer concrete thema’s en leerstukken aan de orde. Hiermee beoogt het vak niet alleen in te leiden op de strafrechtelijke vakken in het tweede en derde jaar van de bacheloropleiding, maar ook direct de nodige academische verdieping te bieden. Daardoor wordt u vanaf het begin van uw studie geconfronteerd met het ‘grote verhaal’ van het strafrecht en de belangrijke vraagstukken van dit rechtsgebied.
    Thema’s die aan de orde zullen komen, zijn onder meer het strafrechtelijk legaliteitsbeginsel, de voorwaarden voor strafbaarheid, de doelen van het strafproces, het opportuniteitsbeginsel en het daaruit voortvloeiende strafrechtelijk beleid, de (actieve) rol van de strafrechter, het rechterlijk beslissingsmodel van artikel 348 en 350 Sv, de legitimatie van het recht om te straffen en de strafrechtelijke sancties.

  • WG Beginselen van de democratische rechtsstaat (CRIM)

    Centraal in het vak Beginselen van de Democratische Rechtsstaat staan de begrippen ‘staat’, ‘rechtsstaat’, ‘democratie’ en ‘overhe

    Centraal in het vak Beginselen van de Democratische Rechtsstaat staan de begrippen ‘staat’, ‘rechtsstaat’, ‘democratie’ en ‘overheidsbevoegdheid’. Dit betekent dat aan de orde komt wat een staat eigenlijk is, hoe de overheidsorganen (onder meer regering en parlement) samengesteld zijn, welke bevoegdheden die overheidsorganen hebben en hoe zij aan die bevoegdheden komen, op welke manier er (door de volksvertegenwoordiging en door de rechter) controle wordt uitgeoefend op de uitoefening van die bevoegdheden en welke beginselen aan de verhouding tussen overheid en burger ten grondslag liggen (bijvoorbeeld respect voor de rechten van de mens).

  • WG Inleiding recht (CRIM)

    Een algemene inleiding in de rechtswetenschap en rechtsvinding.

    Naast een algemene inleiding in de rechtswetenschap en rechtsvinding, biedt het vak Inleiding recht u een introductie in de fundamentele begrippen en onderscheidingen van het recht. In dat kader behandelen we in de hoorcolleges op hoofdlijnen het positieve recht van een aantal belangrijke rechtsgebieden: staatsrecht, strafrecht, burgerlijk recht, internationaal publiekrecht, Europees recht (dat een nog steeds toenemende invloed heeft op het nationale recht) en mensenrechten. Zo biedt het vak zowel een brede als een inhoudelijke eerste verkenning van wat u als beginnende rechtenstudent in uw studie kunt verwachten. Bovendien introduceert het vak de eerste beginselen van het oplossen van een juridische casus. In de werkgroepen bestuderen we aan de hand van een casus een positiefrechtelijk leerstuk en oefenen we met het lezen en gebruiken van jurisprudentie. De werkcolleges vormen dus een soort “practicum” waarin u wordt geleerd hoe u als jurist omgaat met wetboeken, jurisprudentie en verdragen. Er wordt geen kennis verondersteld en het vak bereidt u voor op een verdere verdieping van de positiefrechtelijke kennis in de vakken die er op volgen.

  • WG Inleiding strafrecht (CRIM)

    Strafrecht is publiekrecht: wanneer een strafbaar feit wordt gepleegd, treedt de overheid op ter bescherming van de rechtsorde.

    Strafrecht is publiekrecht: wanneer een strafbaar feit wordt gepleegd, treedt de overheid op ter bescherming van de rechtsorde. Dat impliceert dat de overheid ook in de plaats treedt van de getroffen burger, het slachtoffer. Daarbij kan de overheid vergaand in het leven van andere burgers ingrijpen, door bijvoorbeeld dwangmiddelen toe te passen en vrijheidsstraffen op te leggen. Strafrecht vraagt daarom uitdrukkelijk om rechtvaardigende theorieën en brengt steeds rechtspolitieke keuzes met zich. Daarbij moeten voortdurend afwegingen worden gemaakt tussen de belangen van de samenleving, van verdachten en van slachtoffers. Dit maakt strafrecht een moeilijk, maar ook een uitermate boeiend vak.
    Het vak Inleiding strafrecht beoogt zowel een inleiding op het materiële strafrecht (de strafbare gedragingen) als het formele strafrecht (het strafproces) te bieden. Zodoende bereidt het vak u voor op de meer verdiepende strafrechtelijke vakken in het tweede jaar (materieel strafrecht) en het derde jaar (formeel strafrecht) van de bacheloropleiding. In dit vak nemen we een aantal dragende beginselen en uitgangspunten van het materiële en formele strafrecht als vertrekpunt en stellen van daaruit een aantal meer concrete thema’s en leerstukken aan de orde. Hiermee beoogt het vak niet alleen in te leiden op de strafrechtelijke vakken in het tweede en derde jaar van de bacheloropleiding, maar ook direct de nodige academische verdieping te bieden. Daardoor wordt u vanaf het begin van uw studie geconfronteerd met het ‘grote verhaal’ van het strafrecht en de belangrijke vraagstukken van dit rechtsgebied.
    Thema’s die aan de orde zullen komen, zijn onder meer het strafrechtelijk legaliteitsbeginsel, de voorwaarden voor strafbaarheid, de doelen van het strafproces, het opportuniteitsbeginsel en het daaruit voortvloeiende strafrechtelijk beleid, de (actieve) rol van de strafrechter, het rechterlijk beslissingsmodel van artikel 348 en 350 Sv, de legitimatie van het recht om te straffen en de strafrechtelijke sancties.